Achterlating van vrouwen en kinderen is een verwerpelijk verschijnsel en moet consequent worden bestreden, aldus de Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken die vandaag het advies ‘Tegen de wil achtergebleven’ publiceert.
Achterlating
Het is een bekend fenomeen: soms keren vrouwen na een (zomer)vakantie bij familie niet met hun echtgenoot terug naar Nederland, maar worden zij (en eventueel hun kinderen) tegen de wil achtergelaten in het land van herkomst. Tot nu toe zijn vooral gevallen bekend uit Turkije en Marokko. Er zijn indicaties dat achterlating ook voorkomt in Egypte, Pakistan, Afghanistan en Iran. Omdat de gegevens nergens goed worden geregistreerd is een betrouwbare schatting van het jaarlijkse aantal achtergelaten vrouwen niet te geven. Wel is duidelijk dat het om meer dan enkelingen gaat. Daarom heeft de ACVZ een samenhangend pakket van maatregelen bedacht om dit afkeurenswaardige verschijnsel te keren.
Voorlichting, signalering en hulpverlening
Het ontbreekt de betrokken vrouwen en hulporganisaties nogal eens aan de nodige kennis over de rechten die vrouwen hebben en hoe te handelen bij signalering van (dreigende) achterlating. Voorlichting kan dit gebrek aan kennis gedeeltelijk opheffen. Om eerder te kunnen optreden dient verder de sensitiviteit voor dit probleem bij betrokken instanties te worden vergroot. Deze instanties moeten ook een protocol ontwikkelen, om effectief te kunnen optreden en daarbij goed samen te werken. De ACVZ is daarnaast van mening dat de norm voor consulaire bijstand moet worden aangepast zodat in dit soort gevallen ook niet-Nederlanders ‘officiële’ hulp kunnen krijgen.
Maximaal drie jaar afhankelijk verblijfsrecht
De ACVZ pleit voor versterking van de positie van migrantenvrouwen. Daarom moeten zij leren hoe ze hun verblijfsvergunning kunnen verlengen en wat hun rechtspositie is. Het is dus van belang dat aan vrouwen zelf de verblijfspapieren met informatie daarover wordt uitgereikt. Nu kan de echtgenoot die nog afhalen. Verder stelt de ACVZ voor de afhankelijke verblijfsvergunning voor maximaal drie jaar af te geven. Dat kan nu nog langer zijn.
Verblijfsrecht van achtergelaten vrouwen
Globaal gezegd adviseert de ACVZ om de vrouw die onvrijwillig achtergelaten is niet in een slechtere positie te plaatsen dan zij zou zijn geweest als de relatie met de man zou zijn geëindigd in Nederland. Dat wil zeggen: nog geen drie jaar getrouwd of samengeleefd, dan in beginsel geen recht op terugkeer naar Nederland, omdat bij een scheiding in Nederland binnen drie jaar ook zou moeten worden teruggegaan naar het herkomstland. Wel drie jaar getrouwd of samengeleefd, en onvrijwillig achtergelaten, dan in beginsel wel voortzetting van het verblijf in Nederland, ook al is de verblijfsvergunning inmiddels verstreken. Daarnaast moet ruimhartig worden beoordeeld of verblijf in Nederland moet worden toegestaan als de kinderen in Nederland verblijven, of recht daarop hebben.
Strafrechtelijke maatregelen
Het strafbaar stellen van achterlating stuit op juridische problemen, omdat het veelal gaat om een door een vreemdeling in het buitenland gepleegd feit waarbij het slachtoffer veelal tevens een vreemdeling is. Wel beveelt de ACVZ aan dat het afpakken of weghouden van verblijfsdocumenten en identiteitspapieren strafbaar wordt gesteld. Dat zal meestal ook in Nederland al plaatsvinden. Daarnaast gaat aan achterlating vaak (geestelijk) geweld vooraf. De strafbaarstelling daarvan moet zo mogelijk worden verbeterd.
………………………………………………………………………
NOOT voor de REDACTIE:
Nadere informatie is verkrijgbaar bij de Voorzitter van de ACVZ, Mr. T.J.P. van Os van den Abeelen en de Secretaris van de ACVZ, Dr. J.J. van Miert (wnd).
Tel: 070-3811400 email: j.j.van.miert@minjus.nl
Het volledige rapport is te downloaden van de website van de ACVZ (www.acvz.com).
Daar is tevens een achtergrondstudie over ‘achterlating’ door de Vrije Universiteit te Amsterdam te vinden.
Een gedrukte versie kan worden verkregen via het secretariaat van de ACVZ; tel: 070-381 1400 of fax: 070-381 1401.